Weetjes rond alimentatie (berekening)
Hier vind je inhoudelijke uitleg en weetjes over de (kinder)alimentatie berekening
Verder wat je erbij nodig hebt.
Ook komen kernbegrippen en must-know’s rond (kinder) alimentatie aan bod.
Dit allemaal op basis van de Tremanormen.
Wat zijn de: Tremanormen?
Alimentatie wordt in Nederland berekend met behulp van de Tremanormen.
De Tremanorm kent voor alimentatie twee berekeningsmethodes:
De Netto methode: Bij inkomens tot bruto € 2065,-/maand en er geen sprake is van fiscale voordelen, bijtellingen en/of de inkomensafhankelijke
combinatiekorting.De Bruto methode, waarin – los van de hoogte van het inkomen -alle van invloed zijnde zaken kunnen worden meegenomen.
Aanbevolen wordt om bij een Netto berekening daarnaast ook altijd een berekening via de Bruto methode te maken, want deze kan details boven water brengen die van belang zijn!
Alimentatie berekenen, Wat heb je nodig?
Voor een alimentatie berekening heb je minimaal nodig:
Actuele loonstroken en / of uitkeringsspecificaties. (jaaropgave).
Bedrag aan kindgebonden budget.
Bij een wisselend inkomen, vermogen en/of ondernemers:
Belastingaangifte(s) eerdere jaren.
Overzicht van bezittingen, vermogen en (gezamelijke) schulden.
Berekening op basis van alleen een jaaropgave wordt afgeraden, want het inzicht waaruit de inkomsten zijn opgebouwd ontbreekt namelijk.
Daarbij zijn idealiter 3 actuele loonstroken nodig: (1x gewone loon, 1x met vakantiegeld en 1x einde jaar).
Alimentatie: Kernbegrippen met korte uitleg
Bij (kinder) alimentatie berekening kom je de volgende kernbegrippen tegen:
Behoefte: Wat is – na scheiding – nodig om in het eigen onderhoud te voorzien?
Minimumbehoefte:
Het inkomen wat minimaal nodig is om in het eigen levensonderhoud te voorzien.
Deze is opgebouwd uit:
– Bijstandsnorm voor kosten levensonderhoud.
– Redelijke woonlast.
– Premie ziektekostenverzekering.
– Andere noodzakelijke lasten.
Verdiencapaciteit:
Het vermogen om zelf (meer) inkomsten te verwerven.
Deze is afhankelijk van zaken als:
– Opleiding.
– Werkervaring.
– Zorg voor kinderen.
– Gezondheid.
– Zicht op werk etc.
Draagkrachtloos inkomen: Deel van het eigen inkomen dat nodig is om in de eigen vaste lasten te voorzien.
Draagkracht: Het bedrag dat overblijft om bij te dragen in de behoefte van de andere partner.
Netto Besteedbaar Inkomen (NBI):
Het gezamenlijke netto (gezins) inkomen tijdens de relatie.
Het NBI is opgebouwd uit:
– Inkomsten uit arbeid, vermogen etc.
– Kindgebonden budget (KGB) ten tijde van de relatie.
– Verminderd met belastingen en netto uitgaven inkomensvoorzieningen.
Bij de kinderalimentatie tellen in het NBI eigen woningbezit en bijtelling i.v.m. een auto-van-de-zaak niet mee!
Alimentatie en behoeftebepaling
De netto behoefte aan (kinder) alimentatie wordt bepaald via de zogenaamde “Hofnorm“.
Deze norm sluit aan bij:
– Berekende Netto Besteedbaar Gezinsinkomen (NBI).
– Verminderd met het eigen aandeel in de kosten van eventuele kinderen.
Het alimentatie bedrag wordt bepaald door:
1) Vastgestelde netto behoefte van de alimentatie gerechtigde.
2) De draagkracht van de alimentatieplichtige.
Het laagste bedrag van deze twee is het bedrag wat beschikbaar is voor (kinder)alimentatie.
Als het inkomen van de alimentatieplichtige lager is dan de totale behoefte geldt: Kinderalimentatie heeft altijd voorrang boven de partneralimentatie.
Kinderalimentatie vaststelling
In de Tremanormen wordt de behoefte aan kinderalimentatie bepaald op basis van het NIBUD rapport “Kosten van kinderen” (1994)
Dit gebeurd in combinatie met periodiek onderzoek door NIBUD/Centraal Bureau voor Statistiek.
De hoogte van de gezinsinkomsten en -uitgaven tijdens de relatie zijn maatgevend voor de hoogte van de (kinder)alimentatie.
Op basis van het berekende NBI ten tijde van de relatie, het aantal kinderen (max.de 4 oudste!!) en hun leeftijd worden de bijbehorende bedragen uit de behoeftetabel in de Tremanormen afgelezen.
LET OP:
Na de scheiding blijft het NBI zoals dat ten tijde van de relatie was (welvaartsniveau) bepalend bij een herberekening.
Bij een herberekening in verband met een:
– Dalend inkomen wordt altijd uitgaan van het “oude” NBI.
– Stijgend inkomen geldt: Als één van de ouders meer verdient dan het “oude” NBI wordt er van het hogere inkomen uitgegaan.
Kinderalimentatie en jongmeerderjarigen
Voor jongmeerderjarigen (18 – 21 jaar) zijn geen tabellen in de Trema normen.
– Aanbevolen wordt om aan te sluiten bij de Wet StudiefinancieringsNorm (WSN).
– Hierbij is de werkelijke behoefte van de jongmeerderjarige bepalend.
Behoefte verlagend zijn:
– Basisbeurs.
– Aanvullende beurs.
– Thuiswonend zijn (alleen in HO).
– Ontvangen zorgtoeslag.
– Structurele eigen inkomsten.
Klik op deze link: Handige Tips en verwijzingen voor de pagina met Weetjes, Tips en verwijzingen.
Total Page Visits: 1711 - Today Page Visits: 1
Table of Contents